Jouw Kompas
2 november 2026

Beeld van God als relaties

Gen. 1:26 En God zeide: Laat Ons mensen maken, naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis; en dat zij heerschappij hebben over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over het vee, en over de gehele aarde, en over al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt.
27 En God schiep den mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij ze.
28 En God zegende hen, en God zeide tot hen: Weest vruchtbaar, en vermenigvuldigt, en vervult de aarde, en onderwerpt haar, en hebt heerschappij over de vissen der zee, en over het gevogelte des hemels, en over al het gedierte, dat op de aarde kruipt!

Gen 1:26-28

Jij bent als mens oorspronkelijk geschapen ‘naar Zijn beeld’, ‘naar Zijn gelijkenis’ (Gen. 1:26). Dat is dubbelop gezegd: beeld en gelijkenis. Beiden betekenen hetzelfde. Het laat alleen extra zien dat de mens lijkt op God. De afgoden hebben hun beelden: afgodsbeelden als Baäl en Astarte.

God wil niet worden afgebeeld, maar zet de mens zelf als beeld/kopie van Hem neer.

Volgens Kohlbrugge heeft God ‘bij het maken van de mensen het Kind Jezus in Zijn schoot gehad’. De mens lijkt op dat wat de Vader voor Jezus aan vorm, innerlijk en uiterlijk voor zich had.

 

Wat betekent het dat de mens geschapen is als ‘beeld van God’?

Je kunt dit onderscheiden in driemaal ‘r’. Relatie, roeping en richting.

Als eerste betekent ‘beeld van God’ zijn dat je leeft in verschillende relaties:


  1. De relatie tussen God en jou als mens. Je bent geschapen naar Zijn Beeld, tot eer van Hem. Je wandelt met Hem, je vertegenwoordigt Hem, jouw leven verwijst naar Hem.

  2. De relatie tussen mensen onderling. Mannelijk en vrouwelijk schiep Hij de mens naar Zijn beeld. Man en vrouw zijn beiden beeld van Hem. Ze zijn geroepen samen vruchtbaar te zijn. Liefde is nodig. Hiermee zijn alle mensen geroepen om de ander als beeld van God te benaderen. Ook als bijv. verstandelijke vermogens afbreken (dementie). De ander blijft principieel beeld van God.

  3. De relatie tussen mens-dier-plant. Je bent geroepen om heerschappij/regering te hebben over de dieren om je heen. Dieren moeten ‘onderworpen’ worden. Dat betekent je schikt hen naar hun doel. Je peilt hen op hun waarde. Plantetende dieren verzorg je met planten (Gen. 1:29-30). Zo sta je als mens in relatie tot die, plant en boom. Sta jij in contact met je leefomgeving? Vertraag eens bij dieren en planten en laat de energie ervan bij je binnenkomen. Dat vertragende leven schept vrede in Gods schepping.

Door Ds. J.W. Verboom