Bekeren, dienen, verwachten
9 Want zijzelf verkondigen van ons, hoedanige ingang wij tot u hebben, en hoe gij tot God bekeerd zijt van de afgoden, om de levende en waarachtige God te dienen; 10 En Zijn Zoon uit de hemelen te verwachten, Denwelken Hij uit de doden verwekt heeft, namelijk Jezus, Die ons verlost van de toekomende toorn.
1 Thessalonicenzen 1: 9-10
Ben je bekeerd? Eigenlijk is dat een vreemde vraag. Als je een boom ziet met appels, vraag je dan ook ‘Is dit een appelboom? ‘ De christenen in de wijde omtrek van Thessalonica stelde niet de vraag of de gemeenteleden in Thessalonica wel bekeerd waren; zij waren ervan overtuigd. Het bleek immers uit hun leven! En voor Paulus was het ook geen vraag, hoewel hij er nooit huisbezoek had gedaan en zelfs halsoverkop Thessalonica had moeten verlaten. Paulus nam dit getuigenis van anderen over.
Laten we eens kijken hoe geloof en bekering tot uiting kwam. Het is heel leerzaam om naar de vruchten van geloof te kijken. Leg je eigen leven er meteen naast!
De eerste vrucht is: Paulus’ woorden, het Evangelie van Gods genade, had ingang gevonden in hun leven. De bron van hun geloof was het Woord van God. Het Woord dat een ‘tweesnijdend zwaard’ is en doordringt tot ons geweten (Hebr. 4:12); het Woord dat een woord van vergeving en verzoening is (2 Kor. 5:19).
Door dat Woord gebeurde er iets in hun leven, dat is de tweede vrucht. Ze bekeerden zich van de afgoden. De goden waarin ze eerst hun geluk zochten, werd nu iets waar ze een afkeer van kregen. Dat is nog steeds zo. Natuurlijk we hebben geen letterlijke godenbeelden, maar wel de goden van genot, plezier, ambitie en eer of de god van eigengerechtigheid, van dode rechtzinnigheid. Kortom, de god van ons eigen IK.
Daarmee hangt samen de derde vrucht: het dienen van de levende God. Hun leven werd op God gericht. Hem wilden ze eren, voor Hem wilden ze leven. Hem hadden ze lief en wilden ze gehoorzamen. Reken maar dat je graag gevoed wilt worden door het Woord, dat je je leven Hem wilt toewijden, dat je anderen op Hem wijst.
Dan de vierde vrucht: Jezus wederkomst verwachten. Hij die hen verlost had van de afgoden, van de schuld en de macht van de zonde, Hij die de toorn van God droeg op het kruis van Golgotha, Hij zou voor een volmaakte verlossing zorgen. Ken je deze Zaligmaker? Maranatha, de Heere komt!
Door Johan Schouls