‘dat in het laatste der dagen spotters zullen komen………en zeggen: waar is de belofte Zijner toekomst?’
— 2 Petrus 3 : 3-4
Thema van deze week: De zekere komst van de jongste dag.
De boze verdraagt de heilsfeiten niet. Bij Jezus’ opstanding liet
hij de leugen rondgaan dat de discipelen Hem hadden weggehaald en elders begraven. Het feit dat Jezus was opgestaan was waar, maar het mocht niet waar zijn! De genezing van de verlamde bij de tempelpoort was het bewijs dat Jezus leeft, maar de vijandschap werd alleen maar erger. Dee naam Jezus mocht niet meer klinken.
Is het ongeloof niet heel doorzichtig? Bewijzen van het tegendeel overtuigen niet, maar laten de haat feller opvlammen. Er zit achter het besef dat je niet om Jezus heen kunt. Als Zijn Naam valt, als Hij door het apostolische woord spreekt moet je kleur be-kennen, kiezen. Je bent voor of tegen Hem. Onverschillig je schouders ophalen onder het Evangelie van Zijn Naam is óók verzet, afwijzing. Je voelt in Zijn nabijheid dat je leven moet veranderen; dat je je moet bekeren van je ongeloof en van je leven naar de begeerten van je verdorven hart. Van nature wil je en doe je dat niet, nooit!
Hoe erg om tegen beter weten in zo te doen! Dat is spotten met
wat heilig en zeker is. Je drukt de stem van je geweten- als dat nog spreekt- weg en bedenkt allerlei tegenwerpingen.
Petrus zegt dat een kenmerk van de laatste dagen is dat er spotters komen die zeggen: waar blijft de belofte van Zijn komst?
Alles blijft gelijk zoals het vanaf de schepping gegaan is. Mensen leven en sterven, tijden komen en gaan en dat zal zo blijven. Het is al zo vaak gezegd dat het met de wereld naar het einde gaat, maar het gebeurt niet. Het leven gaat al zoveel eeuwen gewoon door. Laat je niet bang maken en ga je gang maar. Zo van: laten we eten en drinken en van het leven genieten, want morgen sterven wij. Je leeft maar éen keer. En dan? Wie het weet, laat die het maar zeggen.
Weet jij het?
Door Ds. A. den Boer