“En Jakob gewon Jozef, den man van Maria, uit welke geboren is JEZUS, gezegd Christus”
— (Mattheüs 1:16).
De Heere is het waard om eeuwig gediend te worden. Hij zocht Zijn volk op, zelfs in de ballingschap. Dat het geslachtsregister van de Heere Jezus niet stopt bij de ballingschap, is een teken van Gods lankmoedigheid en voortdurende geduld. Hij doet ons niet naar onze zonden. Als dat wel zo was, dan zouden wij al lang in de rampzaligheid liggen, samen met de duivel en al de gevallen engelen. Na de ballingschap komen we nog enkele bekende namen tegen, maar ook veel onbekende namen. Over die mensen staat niet veel in de Bijbel. Zo kan het ook in ons leven zijn. Voor ons oog zijn we misschien onbeduidend, toch mogen (of zelfs moeten) wij als een kleine schakel dienen. Deze mensen moesten leven, zodat de Heere Jezus (naar Zijn menselijke natuur) op deze aarde kon komen. Hij werd aangekondigd door de engel Gabriël. Jozef wilde Maria verlaten. Het was opnieuw de engel Gabriël die dat tegenhield. Daarom kon Mattheüs opschrijven: ‘Jozef, den man van Maria’. Keizer Augustus werd gebruikt als instrument om Jozef en Maria in Bethlehem te krijgen. Daar werd Hij geboren in een beestenstal en gelegd in de kribbe. Hij is het sluitstuk van dit geslachtsregister. Heb je ook gezien dat Zijn Naam aan het begin stond? Ik las bij een predikant: “Hij is het begin en het einde ervan. Hij omsluit dat ganse verdorven geslacht met Zijn genadearmen. Om hun schuld te betalen en om bij God alles goed te maken wat zij verdorven hebben” Dan wordt Hij geboren in de beestenstal van ons hart. Dan wordt het waar Kerstfeest, ook al is het augustus! Verlang jij daar ook naar? Deze week hebben we gezien dat er niemand te slecht is of te veel gezondigd heeft.
Door Jan van Meerten