En het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als des Eniggeborenen van den Vader), vol van genade en waarheid.
— Johannes 1: 14
In Johannes 1: 14 lezen we iets wonderlijks. Het Woord, dat is Jezus, de Zoon van God. Jezus is vlees (is een mens) geworden. Dit gaat over Jezus en Zijn komen naar deze wereld. Dit is Kerstfeest! Jezus is God en blijft God en Hij wordt mens! Hij werd mens met een menselijke lichaam en heeft onder ons gewoond! Letterlijk staat er: onder ons GETABERNAKELD. (Griekse woord skènè betekent tabernakel of tent).
Let goed op wat hier gebeurt. Jezus wordt mens. Hij trekt het menselijke lichaam aan, door geboren te worden bij Maria. Dat menselijke lichaam is de tabernakel, waarin Hij woont! Hij woont onder de mensen. Waar kennen we dat van? Wat hebben we gisteren en eergisteren gehoord?
Heeft iemand Hem gevraagd dat te doen? Hebben de mensen – ja, ook jij en ik – Hem juichend binnen gehaald? Hij kwam en Hij komt nog steeds, omdat Hij dat wil. Waar Hij wil. Wanneer Hij wil. Op Gods tijd.
Hij tabernakelt onder de mensen, woont bij ons. Een Licht in de duisternis.
En dan…. Een zeer hartelijke en blijde ontvangst…. Een groot welkomstfeest?
Nee. Helaas.
De mensen (de Zijnen) hebben Hem niet aangenomen, omdat zij de duisternis liever hadden dan hèt Licht. (Johannes 1:11 en 3:19-20). Onvoorstelbaar. En Hij wist het. En toch kwam Hij.
Waarom?
Omdat God onder Zijn volk Israël wil wonen. En na Pinksteren onder de volken. Zodat wij altijd bij Hem kunnen wonen. Jezus Christus, de Zoon van God, werd Mens. Hij ‘trok’ Zijn tabernakel, Zijn tent aan en werd Mens! Om mensen te redden.
Onze tabernakel, dat is ons lichaam, wordt afgebroken (2 Korinthe 5). We moeten eenmaal sterven. Onze tabernakel dan afleggen. Ook Jezus legde Zijn tabernakel, Zijn lichaam af. Hij stierf. Daarna kreeg Hij een verheerlijkt lichaam. Een nieuwe tabernakel. Dat krijgen wij straks ook.
Toch?
Lezen: Johannes 1: 6-14:
Door Ds. J.R. van Vugt