… opdat vervuld zou worden, wat door de profeten gezegd is, dat Hij Nazarener zal geheten worden.
— Matth.2:23
Was dat nu wel zo’n verstandige keuze van Jozef en Maria? Galilea is groter dan Nazareth. Er was toch genoeg andere keuze dan dat dorp in de bergen? Kapernaüm was toch veel moderner en bruisender? Daar kon Jezus toch veel beter de Joodse en Romeinse cultuur leren kennen? Bovendien was daar meer mogelijkheid voor onderwijs door Wetgeleerden. Wat moet je nu toch in Nazareth zoeken? Daar zijn geen herders, dat publiek is niet zo beschaafd, dat is toch gewoon niet de plaats waar je moet zijn om voorbereid te worden voor de troon van David?
Kan allemaal waar zijn, maar de Heilige Geest zegt, dat het de goede keuze was. De enige goede keuze zelfs. Ze deden het in afhankelijkheid. Ze hadden er hun eigen goede redenen voor. Maar veel dieper nog: ze werden daarin door Gods voorzienigheid geleid, zodat er opnieuw profetische woorden tot vervulling zullen komen. Welke profetische woorden? Ja, dat staat er niet precies bij. Alleen dat Jezus Nazarener genoemd zal worden. Ja maar, dat staat helemaal nergens in het Oude Testament. Nee, dat klopt. Dus zegt Mattheüs ook, dat meerdere profeten daarover iets hebben gezegd. Hoe dan?
Wel, Mattheüs combineert drie woorden met elkaar: 1) Nazarener: inwoner van Nazareth; 2) Nazireeër, iemand die heel zijn leven aan God toewijdt; 3) Nezer: takje, scheutje. Over 2) en 3) hebben profeten wel degelijk iets gezegd. Dus zegt Mattheüs nu door de Heilige Geest, dat 1) precies zo heeft moeten gebeuren.
Nazireeër: daarvoor gaan we teruglezen bij de nazireeër Simson. De schrijver van Richteren was ook profeet. De geschiedenissen van Simson zijn ook profetisch woord. Kijk naar het Kind Jezus in Nazareth en je ziet de meerdere van Simson. Je ziet de Koning-Knecht, Die heel Zijn leven aan God toewijdt, om het geestelijke Israël van Joden en heidenen te verlossen.
Nezer: Want er zal een Rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isaï, en een Scheut uit zijn wortelen zal Vrucht voortbrengen (Jes.11:1). In Nazareth groeit het takje uit tot de Boom des levens, Die vrucht van vergeving, genezing en vrede voortbrengt.
De één zal Jezus in verwondering de Nazarener gaan noemen. De ander in verachting. Maar één iemand zal het precies doen, als Jezus inderdaad in Jeruzalem tot Koning gekroond en getroond wordt, om Zijn volk zalig te maken van hun zonden. Maar zo anders. Zo aanbiddelijk anders. Kijk, daar laat rechter Pilatus een bordje boven Jezus’ hoofd op het kruis timmeren. Daar staat het: Jezus de Nazarener, de Koning der Joden.
Ik knielde bij Uw kribbe neer, maar nu ook bij Uw kruis. O Jezus, maak mij zalig, Heer’; U brengt een zondaar thuis!
Door Jaco Cabaret