‘En gij zult u bekeren tot de HEERE uw God…..’
— Deut. 30 vs 2a
Hier spreekt Mozes vanuit de voorziene situatie van de ballingschap. Die volgde onherroepelijk op het verbreken door het volk van Gods verbond en het verlaten van Zijn wegen en het in de wind slaan van Zijn woorden. Alles waarvoor hij zo gewaarschuwd heeft is gekomen. De verbondszegen is ondervonden in tijden van toewijding aan de HEERE. Denk aan de periode waarin David en Salomo koning waren. Maar daarna is het steeds verder bergafwaarts gegaan. Vaak gingen de koningen voorop in de afgoderij. Zo zijn ze onder de volkeren verdreven. Met alle gevaren van dien!
Je zou dan een definitief einde verwachten van Gods bemoeienis met zo’n volk. Maar het is anders. God is de God van Zijn verbond, maar Hij staat daar ook boven. Hij is rechtvaardig en straft de zonde; maar Hij is ook barmhartig en gewillig om boetvaardigen te vergeven en genadig te zijn. Zo is de HEERE: zijn barmhartigheid roemt tegen het oordeel. Psalm 103 bezingt deze deugden van God. Hij is die God Die ons, afvallige zondaars, Zijn vriendschap biedt. Hij heeft geen lust in het -welverdiende- verderf van de zondaar, maar in zijn bekering ten leven. Dat heeft de Heere Jezus zo treffend verteld in de gelijkenis van de verloren zoon.
Midden in de ellende van de ballingschap, en dat is ook onze positie als christenen in deze wereld, voorziet en voorzegt God een verandering, een bekering, een terugkeer tot Hem: bekering ‘met uw ganse hart en met uw ganse ziel’. In die weg zal de HEERE Zich ontfermen over Zijn volk en ze weer terugbrengen in hun land om dat erfelijk te bezitten.
De HEERE belooft dat er bekering komt met hart en ziel, echt en oprecht. Dat is geen prestatie van de vrome mens, maar gratie van God, Die meer is dan Zijn verbond. Die Zich ontfermt waar dat allerminst verdiend is. Bekering tot God, geloof in Hem en Zijn woorden, wedergeboorte is Gods werk. Hij bindt ons aan de -geopenbaarde- middelen, maar het is alles alleen genade wat in die weg tot stand komt. Het is Gods liefste werk om Zijn volk dat zoveel kwaad bedreven heeft ‘wel te doen’. Zo sloot de vader zijn teruggekeerde verloren zoon in zijn armen en gaf hem het beste wat Hij had. Onvoorstelbaar, maar heerlijk waar! Bekering tot God is pure genade van de trouwe verbondsgod, de HEERE.
Lezen: Deut. 30 vs 1-5.
Door Ds. A. den Boer