Als we ’s nachts de feestgangers halfbeschonken naar huis zien gaan, vragen we ons af of we de achterliggende dag, zoals die hier in Gods Woord beschreven staat, nu moeten beschouwen als een heugelijke dag of niet. Ja, het was een wonderlijke bruiloft: koning Ahasveros is getrouwd met Esther! Het hopeloze Joodse weesmeisje draagt nu een gouden kroon. Maar ondertussen loopt Gods volk een groot gevaar. Haman zal straks een plan maken om het hele volk uit te roeien! Toch is het heugelijke dag. Vanwege de lotsverbondenheid tussen Esther en haar volk.
Bij die lotsverbondenheid tussen dat ene meisje en het hele volk kunnen we ons misschien wel wat voorstellen. Ik las bijvoorbeeld ergens, dat toen Barack Obama de eerste zwarte president van de Verenigde Staten werd, veel zwarte inwoners van Amerika in tranen uitbarstten. Van vreugde, welteverstaan. Want voor zwarte mensen in heel de wereld was dit gebeuren heel betekenisvol. Voor Obama zelf was het een grote stap in zijn carrière. Maar voor ‘mensen van kleur’, zoals dat tegenwoordig plechtig heet, was het een reuzenstap vooruit. Het was de belofte van een nieuwe periode voor een hele bevolkingsgroep die veel ellende had meegemaakt.
In de troonsbestijging van Esther ligt een bemoediging. God maakt kleintjes groot. Hij tilt de armen op uit het slijk en geeft ze een plaats tussen de edelen. Zo is het eens met Jozef gegaan: hij was uitgestoten door zijn broers, in de gevangenis geraakt, maar toch onderkoning geworden in Egypte. Zo werd hij een sleutelfiguur in de redding van zijn familie en van talloze anderen. Zo is het ook met David gegaan: het jongste jongetje van de familie, goed voor de schapen en de boodschappen. Maar uiteindelijk een koning naar God hart! Het wijst allemaal vooruit naar de komst van Christus. De Vernederde die verhoogd werd. De Onbekende die zich openbaarde als de Zoon van God. De Mensenzoon die gekroond werd bij Zijn hemelvaart. Die regeert van oord tot oord, en van zee tot zee. In Zijn handen ligt het levenslot van Esther. En in Zijn handen ligt, Godzijdank, ook heel mijn levenslot.
Lezen: Esther 2:16-20.
Door Ds. G. Van Zanden