Nu voortaan niet als een dienstknecht …
— Filémon: 16a
Onésimus was een slaaf. Een slaaf is niet vrij. Hij kan niet gaan en staan waar hij wil. Hij kan niet doen en laten wat hij wil. Hij is onderworpen aan een ander. Hij dient iemand die heer en meester is over hem. Niet altijd, maar wel vaak werden slaven wreed behandeld. Dat zal niet het geval geweest zijn bij zijn heer Filémon, want die was een christen. Nu is Onésimus een beeld van ons allemaal van nature. Alleen met dit verschil dat híj een goede meester had en wij hebben van nature de duivel tot onze meester gekozen. Volgens Paulus in Romeinen 6 zijn wij van nature slaven van de zonden. Een woordenboek zegt dat ‘een slaaf iemand is die zich van zekere neigingen of gewoonten niet kan losmaken’. Je kunt iets gewoonweg niet nalaten. De Romeinen zeiden vroeger al: ‘Zonder zelfbeheersing is er geen sprake van vrijheid.’ Nee, het staat er niet zo best met jou van nature voor. Paulus heeft het in Romeinen 6:18 over ‘vrijgemaakt zijnde’. Dat betekent dat je jezelf niet vrij kunt maken. Zo sterk is de zonde. Zo diep ben je weggetrokken in het moeras van de zonde. Ben je het hiermee eens? Een kenmerk van verslaving is dat een verslaafde altijd aan het ontkennen is. Of hij bagatelliseert zijn verslaving. Kun jij kiezen om wel of niet te zondigen? Ben je nu aan het ontkennen of aan het bagatelliseren? Denk daar eens eerlijk over na. Of heb je Iemand anders nodig die sterker is dan de zondemacht? Die Ander is er. Hij heet Jezus Christus. Zijn kruis heeft de zonde veroordeeld en de macht van de zonde verbroken. Ken jij Hem? Hij is de Zaligmaker van zondaren. Hij is gekomen om te redden.
Door Ds. J. Lohuis