11 Februari 2026
Daarna het oordeel
Daarna het oordeel

En gelijk het de mensen gezet is eenmaal te sterven, en daarna het oordeel,

— Hebreeën 9:27

De dood is de scheiding van je lichaam en je ziel. Maar dan is het niet afgelopen. Dood is niet dood. Onze tekst zegt je heel duidelijk: daarna het oordeel. ‘Daarna’, dat is direct na je sterven. Na het uitblazen van je laatste adem. Je krijgt niet een soort van proeftijd om je leven ‘beter’ over te doen. Er is ook geen vagevuur waarin je voor een tijd gelouterd wordt. Nee, direct na je sterven, sta je voor Gods rechterstoel. ‘Oordeel’ betekent ‘gerichtshandeling’. David zei in zijn leven: ‘En ga niet in het gericht met Uw knecht; want niemand die leeft, zal voor Uw aangezicht rechtvaardig zijn’ (Ps. 143:2). David was de man naar Gods hart. David wist van vergeving van zonden. En toch, toch wist hij dat hij niet kon bestaan in Gods gericht.

Hoe zul jij het dan maken in dat ogenblik? O, ontzaglijk moment als je staat voor een alwetend God. Al je daden, al je woorden, al je gedachten zullen dan beoordeeld worden naar de eis van Gods rechtvaardige wet. Alles komt dan van jou openbaar. Slechts deze enkele vraag: ‘Was, ben jij met al je woorden, werken en gedachten op de Heere gericht?’ Nee hè. ‘Niemand’, zei David. Jij ook niet. Hoe moet het dan? In Zondag 19 van de Heidelbergse Catechismus staat een rijk zinnetje over Christus: ‘ Die Zich tevoren om mijnentwil voor Gods gericht gesteld en al de vloek van mij weggenomen heeft.’ Het gaat er om dat jij in Gods gericht bent gekomen, maar dat jij daar niet alleen was. Het gaat er om dat Christus in dat gericht het voor jou heeft opgenomen.  Weet jij daar vanaf in jouw geweten?

 

Ds. J. Lohuis

Door Ds. J. Lohuis

Ook interessant
JouwKompas is een initiatief van omsionswil.nl