17 Februari 2026
Waar Liefde Woont…
Waar Liefde Woont…

Mozes nu hoorde naar de stem van zijn schoonvader, en hij deed alles, wat hij gezegd had.

— Exodus 18:24.

Nauwelijks was de strijd tegen Amalek ten einde of Mozes kreeg bezoek van zijn schoonvader Jethro. Die behoorde tot een andere woestijnstam: Midian. Een afstammeling van Ketura, de vrouw die Abraham huwde na de dood van zijn vrouw Sara. Midian die treedt in Jethro Israël vredelievend tegemoet. Het is alsof de Heilige Geest wil laten zien dat er ook verzoening tussen vijanden mogelijk is.

Het is wonderlijk hoe snel Jethro zich in de samenleving van Israël oriënteerde. Amalek die kwam gisteren Israël met het zwaard tegen. Vandaag ondersteunt Jethro met goede raadgeving het volksleven van Israël. Waar verzoening heerst worden broederlijke verhoudingen geboren. Jethro ziet hoe Mozes de hele dag druk in de weer met de rechtspraak. De mensen stonden in een file voor de tent van Mozes. Jethro adviseert: Mozes, stop hiermee, je raakt helemaal uitgeput en wordt overspannen.

Mozes moet uitzien naar krachtdadige Godvrezende mannen, die moet aanstellen als oversten over duizend, honderd, vijftig en tien. Alleen de grote zaken die moet Mozes zelf behandelen. ZO bouwde de HEERE (!) door Jethro’s raad al aan Israels volksleven vóór de Sinaï.

Die Godvrezende mannen waren er dan toch maar. We zien dat God door Zijn Geest het ambt der gelovigen instelde onder het volk Israël. In het Oude Testament breekt de Pinksterzon van het Nieuwe Testament al door.

We zien in Mozes al het licht van de Middelaar Gods en der mensen schitteren. Mozes was niet eigenwijs, maar luisterde naar de raad van zijn schoonvader. Mozes heerste niet, maar hij diende. Later in het Nieuwe Testament horen we de Heere Jezus tot Zijn discipelen spreken:

Gij weet, dat de oversten der volken heerschappij voeren over hen, en de groten gebruiken macht over hen. Doch alzo zal het onder u niet zijn; maar zo wie onder u zal willen groot worden, die zij uw dienaar; en zo wie onder u zal willen de eerste zijn, die zij uw dienstknecht. Gelijk de Zoon des mensen niet is gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot een rantsoen voor velen. (Matt.20:25-28)

Waar liefde woont, daar gebiedt de Heere Zijn zegen.



Lezen: Exodus 18: 1-17.

Zingen: Psalm 133.



 

Kand. W.J. Korving

Door Kand. W.J. Korving

Ook interessant
JouwKompas is een initiatief van omsionswil.nl